Terug naar overzicht
Jorien de Lege
27 oktober 2016

Jorien de Lege: De Borssele-deal kent slechts verliezers

“Borssele moet blijven draaien, niet voor de elektriciteit maar voor het kernafval”
Borssele kan voorlopig blijven draaien, met dank aan de minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem. Aan de Zeeuwse aandeelhouders nu de vraag of zij de uitgestoken hand van Den Haag zullen aannemen. Dijsselbloem biedt hen een sigaar uit eigen doos aan: het winstgevende netwerkbedrijf Enduris en het waardevolle waterbedrijf Evides van Delta moeten worden verkocht en ondergebracht in een nieuw Zeeuws nutsbedrijf, in handen van diezelfde aandeelhouders. Zij worden hiermee gedwongen een grote som geld neer te leggen voor hun eigen bedrijven, zodat met de opbrengst daarvan het restant van Delta (feitelijk EPZ, met als enige bezit kerncentrale Borssele) met een goedgevulde kas overeind blijft. De coulance van de overheid bestaat uit niet meer dan het aanbod om leningen voor het nieuwe nutsbedrijf te ondersteunen met een staatsgarantie. Een lening van 600 miljoen voor Borssele ondersteunen zag de minister niet zitten, omdat die garantie vrijwel zeker zou worden aangesproken. Directe subsidie voor een kerncentrale mag en wil hij niet verstrekken.
Het lijkt goed nieuws, er gaat niets failliet en het banenverlies blijft beperkt. Er werden dan ook opgeluchte reacties opgetekend uit verschillende hoeken. Maar deze deal kent bij nadere beschouwing slechts verliezers. Borssele zal voor langere tijd verliezen blijven lijden op de geleverde elektriciteit, die moederbedrijf Delta dankzij een wurgcontract met de naam tolling overeenkomst zal moeten blijven opvangen. Dat kan alleen maar als de huidige, publieke aandeelhouders een flinke prijs betalen voor Enduris en Evides, teneinde voldoende buffers te creëren voor de noodlijdende kerncentrale. Zeeland verliest ook. Met de handreiking aan Borssele zijn de overige voorstellen voor economische ondersteuning van Zeeland in de prullenbak beland. De Zeeuwen worden gedwongen door te leven in de schaduw van een nucleaire zombie, zonder hoop op het door de commissie Balkende bepleite Zeelandfonds. Ze wilden een bètacollege, ze kregen kernafval en het risico op een kernramp.
Er was in de aanloop naar het Kamerdebat een rapport aangevraagd door de Tweede Kamer over de mogelijke scenario's voor Borssele, maar dat liet op zich wachten en was door geheimzinnigheid omgeven. Daarom liet Greenpeace adviesbureau Spring Associates de gevolgen van overheidssteun in drie scenario's doorrekenen: doordraaien tot 2033, directe sluiting en insluiting. De uitkomst was dat insluiten financieel de meest veilige optie was, zoals Frank van den Heuvel in zijn column van deze week ook al meldt. De vierde optie zoals door Van den Heuvel geschetst om door te draaien tot ver na 2034, is niet meegenomen. Niet omdat dit een ‘inconvenient truth' is voor Greenpeace zoals Van den Heuvel suggereert, maar omdat in 2006 in het Borssele convenant is vastgelegd dat in ruil voor levensduurverlenging na 2013 de centrale uiterlijk in 2034 sluit. Maar dat weet Frank zelf ook wel, hij was in 2006 immers hoofd Corporate Affairs bij Delta.
“Borssele heeft de optie gekregen om tot 2034 door te gaan en vervolgens is de financiële onvermijdelijkheid gecreëerd om geen dag korter te draaien”

Nu Borssele in zwaar weer verkeert en openlijk om staatssteun vraagt, dwingt de situatie tot openheid en komen er meer cijfers naar buiten. Het rapport van Spring Associates was gebaseerd op publieke bronnen en die zijn schaars als het om kernenergie gaat. Het gebrek aan volledige informatie leidde tot een verschil van bijna een miljard in de inschatting voor de kosten van (in)sluiting tussen Spring en de door de overheid ingehuurde bureau Roland Berger. Hoe is dit mogelijk? Het blijkt uit het Roland Berger rapport dat deze week is vrijgegeven, dat in de bedrijfsvoering van Borssele een opmerkelijk optimisme over de toekomst heerst. Het vertrouwen dat de kerncentrale geld zou blijven opleveren tot aan sluiting in 2034 was zo groot, dat men heeft verzuimd om tijdens vette jaren voldoende te sparen voor de ontmanteling van de centrale. In de contracten met derden is geanticipeerd op onbekommerd doorkachelen tot aan de eindstreep. Als Borssele nu sluit en dus geen kernafval meer oplevert, moeten (geheim gehouden) lange termijn contracten met onder andere de Franse opwerkingsfabriek Cogema worden verbroken. Kosteninschatting: enkele honderden miljoenen. Bovendien zit de kerncentrale dan met een grote hoeveelheid ongebruikte splijtstof in zijn maag. Voor het gemak wordt die splijtstof bij de gebruikte staven in het splijtstofbassin geplaatst, waardoor de staven radioactief zijn geworden. Er is geen methode en ook geen vergunning om ongebruikte maar wel bestraalde splijtstof te vervoeren en op te werken. Kosten: 3 tot 6 jaar vertraging van de postoperationele fase. En dan is er nog de al opgewerkte splijtstof die terugkomt uit Frankrijk. Als die niet in de reactor wordt opgebrand, moet het direct naar de Covra voor opslag. De Covra kan niet zomaar een gat in de grond graven voor deze MOX-brandstof, er zit plutonium in waardoor het een zeer proliferatiegevoelig materiaal is. Daar moet dan weer een speciale oplossing voor gevonden worden met afdoende beveiliging. En dat is, inderdaad, duur.
Het leek een logische beslissing op basis van gezonde marktwerking om Borssele nog twintig jaar extra bedrijfstijd te gunnen. Zoals Van den Heuvel al opperde in zijn column: waarom zou je een kerncentrale niet gewoon lekker laten doordraaien zolang het nog kan? Het antwoord manifesteert zich nu: omdat een kerncentrale niet de flexibiliteit heeft om te worden uitgezet zodra het economisch niet meer uit kan. Elke dag in de splijtstofcyclus tot aan 2034 is al gepland en voorbereid en elke wijziging die je daarin aanbrengt kost geld. Borssele heeft de optie gekregen om tot 2034 door te gaan en vervolgens is de financiële onvermijdelijkheid gecreëerd om geen dag korter te draaien. Fait accompli, the show must go on. En dus trekt iedereen nu tandenknarsend de portemonnee (van de burger!) en betaalt. En als over een paar jaar er weer te weinig geld is, dan herhaalt de geschiedenis zich. Met waarschijnlijk hetzelfde resultaat.
Borssele moet blijven draaien, niet voor de elektriciteit maar voor het kernafval. Kernafval waar toekomstige generaties opnieuw voor moeten betalen. Kernafval dat toekomstige generaties de kop kan kosten. Kafka had het niet kunnen bedenken.

Jorien de Lege is campagneleider klimaat en energie bij Greenpeace