Terug naar overzicht
Jan Paul van Soest
14 december 2015

Kan de splitsingsfrats nog stoppen?

Jan Paul van Soest: "Op korte termijn uitbreiding taken netbeheerders"

De verleiding is groot kort na het Parijse klimaatakkoord vooral daarover wat te zeggen. Maar laat eerst het stof neerdwarrelen, de precieze duiding komt later. Maar één ding is natuurlijk wel duidelijk: in de loop van de tijd zal het klimaatbeleid overal verder worden aangescherpt. Een weg terug is er niet. Dat is zo ook in Parijs afgesproken: nieuwe plannen mogen, maar alleen als ze ambitieuzer zijn dan hun voorgangers.

Gezien de wat deerniswekkende positie van Nederland in de pikorde van vooruitstrevende landen is ook duidelijk: we motten an de bak. We kunnen ons geen rare fratsen meer veroorloven.

Er liggen echter nog wel een paar fratsen in het verschiet.

“Met de toenemende verwevenheid van stroom-, gas- en warmtemarkten wordt ketenregie van het grootste belang”

Een zo'n frats, waarover ik me al een jaar of tien zorgen maak, is het doorzetten van de splitsing van de energiebedrijven. Iedere argumentatie ervoor, die toch al niet sterk was, is inmiddels volledig weggevallen. Waar initiatiefnemer minister Brinkhorst zo'n 10 jaar geleden nog aanvoerde dat splitsing de ultieme marktordening was en dat Nederland daarmee vooropliep in Europa, is nu wel duidelijk dat de rest van Europa van zijn lang-zal-‘ie-leven niet gaat meedoen. En aan een belangrijke gedachte van destijds, de eis dat netwerkbedrijven nimmer in commerciële handen zouden mogen vallen, is voldaan; dat is via verschillende wettelijke regelingen zoals het privatiseringsverbod gezekerd.

Het idee dat splitsing tot lagere stroomprijzen leidt klopt ook al niet. De brandstofmix bepaalt vooral de prijzen op de groothandelsmarkt, bewijzen verschillende landen met lagere prijzen waar de bedrijven niet zijn gesplitst.

De inmiddels wél afgesplitste Nederlandse productiebedrijven Nuon en Essent zijn opgekocht door maf genoeg ongesplitste internationale concerns, respectievelijk (het Zweedse staats(!)bedrijf) Vattenfall en het Duitse RWE. De laatste pleit bij monde van zijn CEO Peter Terium zelfs schaamteloos voor doorzetting van de splitsing in Nederland, omdat anders de concurrentie ten opzichte van zijn (ongesplitste!) bedrijf oneerlijk zou zijn. Zo leidt de splitsingsdiscussie blijkbaar zelfs tot gespleten persoonlijkheden.

Als de splitsing in Nederland toch zou worden doorgezet ligt het voor de hand dat de productie- en leveringsbedrijven van Delta en Eneco snel zullen worden verkocht. De gemeenten en provincies die nu nog de eigenaar zijn van de geïntegreerde bedrijven waarmee een maatschappelijk doel kan worden nagestreefd, zoals verduurzaming van de energiehuishouding, zijn dan ineens eigenaar van een commercieel bedrijf. De verleiding om te verkopen en te cashen kan dan groot worden.  Weliswaar zal men er minder voor krijgen dan de (met de kennis van nu: exorbitante) bedragen die destijds voor Nuon en Essent werden neergelegd, maar toch: er is geen reden de afgesplitste bedrijven te houden, terwijl verkoop geld op korte termijn in het laatje brengt. En dat kan aantrekkelijk zijn voor een lokale politicus die er maar kort zit.

Het betrekkelijk kleine netwerkbedrijf van Delta zal wel bij Enexis of Alliander kunnen worden ondergebracht, het netwerkbedrijf van Eneco, Stedin, kan op eigen kracht door. Maar het productie- en leveringsdeel van elk van de bedrijven gaat in de aanbieding. Het zou me niet verbazen als Gazprom al likkebaardend klaarstaat om de toegang tot de Nederlandse afnemers te verbeteren. Blijft er dan nog iets over van de duurzame energie-portfolio? Laat ik het beleefd zeggen: ik laat me graag verrassen.

 

Via de herziening van de gas- en elektriciteitswetten onder de verzamelwet STROOM is de splitsing nu door de Tweede Kamer geloodst, en wacht op fiat door de Eerste Kamer, vlak voor de kerst. Goed beschouwd lijkt de meerderheid in de Eerste Kamer ook tegen splitsing.

Het enige argument dat resteert is dat ooit in 2006 in een hele andere tijd, een meerderheid voor was en dat omkeren nu geen pas meer geeft. Partijdiscipline telt zwaarder dan inhoudelijke en strategische overwegingen. Er is nog een kans dat de Eerste Kamer nog een draai maakt, en dat hoop ik van harte. Maar er is ook een kans dat de splitsing wordt doorgezet. Waarna de frats zich lijkt aan te dienen: de uitbreiding van de bevoegdheden van de huidige (afgesplitste) netwerkbedrijven, die om optimaal te kunnen fungeren als ontwikkelaar van (klein- en middenschalige) productie- en conversieprojecten zouden moeten kunnen optreden. Met de toenemende verwevenheid van stroom-, gas- en warmtemarkten wordt ketenregie van het grootste belang. Let op mijn woorden: binnen de kortste keren is zo'n uitbreiding van taken aan de orde. Op goede gronden. Maar als splitsing dan doorgezet is, is de vraag waarom we dan eerst geïntegreerde bedrijven die zo'n rol kunnen vervullen kapotmaken. Misschien dat die vraag te zijner tijd in een parlementaire enquête kan worden beantwoord. Maar de Eerste Kamer kan dat soort fratsen nog voorkomen.

 

Jan Paul van Soest is partner bij De Gemeynt, samenwerkingsverband van adviseurs, denkers en entrepreneurs, zie www.gemeynt.nl