Zoeken

Liberale energievisie schiet zich met klimaatsceptische strapatsen in eigen voet

Auteur

Jan Paul van Soest

Van Soest: "Telderstichting verlaat liberale waarden met afwijzing klimaatwetenschap"

Begin juli verscheen geschrift no. 121 ‘Zeker van Energie' van de Teldersstichting, het wetenschappelijk bureau van de VVD.

Een onversneden liberale visie op energie wordt in het politieke landschap node gemist. Het rapport bevat een aantal behartenswaardige ideeën, die echter stevig worden ondermijnd door een volstrekt onnodige flirt met ‘klimaatscepsis'. Zo zou er nog veel onduidelijk zijn over het aandeel van de mens in de opwarming van de aarde, zou het de vraag zijn of de huidige opwarming uniek is, en of er niet alternatieve verklaringen ‘naast de broeikastheorie' mogelijk zijn. Binnen de klimaatwetenschap is het beeld wel helder, en luidt kort en plat samengevat: de huidige opwarming is uniek qua hoogte en snelheid, de mens heeft het gedaan door heel veel broeikasgassen aan de atmosfeer toe te voegen, en mogelijke alternatieve oorzaken zijn inmiddels vrijwel volledig uit te sluiten. Maar kennelijk baseert het wetenschappelijk bureau van de VVD zich niet op de wetenschap, maar liever op een sceptische journalist (Marcel Crok, als doorgeefluik van Amerikaanse twijfelmateriaal als eerder gewogen en te licht bevonden) en de libertaire sceptische blogger Hans Labohm. Dan is het niet verwonderlijk dat het liberale energierapport een typisch ‘sceptisch', onwetenschappelijk frame hanteert zodra het over klimaat gaat. Hoe zo'n frame ontstaat en effect kan hebben beschrijf ik in De Twijfelbrigade.
““Het zou juist en vooral interessant zijn te doordenken hoe een rechtgeaarde liberaal met klimaatverandering zou omgaan.””
De Teldersstichting gaat met de sceptische spin en framing mee. Dat is jammer, om principiële redenen, om beleidsinhoudelijke redenen alsook om redenen van acceptatie van liberale energie-ideeën.
Principieel: de Verlichting en daarmee samenhangende snelle ontwikkeling van de wetenschap die het ‘duistere', dogmatische wereldbeeld dat daarvoor heerste wegnam, ging niet toevallig hand in hand met de ontwikkeling van het liberalisme. De afwijzing van (in dit geval: klimaat)wetenschap door liberalen betekent dat de eigen oorsprong en waarden worden verlaten.
Beleidsinhoudelijk: het is relatief gemakkelijk een liberaal energiebeleid te bedenken als de aanname is dat het klimaatvraagstuk non-existent of niet erg belangrijk en urgent is. Dat is nu gedaan, en dat geeft op zichzelf interessante ideeën over wat privaat en wat publiek zou moeten zijn, over of en hoe de overheid zou moeten ingrijpen. Maar het zou nou juist en vooral interessant zijn te doordenken hoe een rechtgeaarde liberaal met klimaatverandering zou omgaan als deze, en de rol van de mens hierbij, volledig wordt erkend in plaats van wordt weggemoffeld. Ik zou willen lezen hoe een liberaal dat vraagstuk ten principale zou aanpakken, én hoe hij als liberaal de afweging voor de BV Nederland maakt, wetende dat andere landen met andere wereldbeelden er heel andere beleidsplannen en -tempi op nahouden. Hoe zo'n liberaal energiebeleid mét aanvaarding van de klimaatwetenschap eruit zou zien, blijft nu gissen.

En tenslotte de acceptatie van de liberale energie-ideeën. Die zijn niet bepaald gediend met het omzeilen van de (klimaat)wetenschap. De Correspondent framede het rapport bij verschijnen direct als klimaatscepsis, een paar latere commentaren betitelden het als fossiel lobbystuk; de commentaren in de social media waren van gelijke strekking. Dat is, gezien de ‘klimaatsceptische' optiek van het geschrift wel begrijpelijk, maar met dit badwater worden dan ook wél interessante kinderen weggespoeld. Bijvoorbeeld de constatering dat de verschillende energiedoelen (voor besparing, hernieuwbare bronnen en klimaat) en de veelheid van instrumenten daarvoor elkaars effectiviteit ondermijnen. Dat is gewoon waar, en die waarheid wordt amper onderkend. De liberalen hebben hier gewoon een punt. Maar tegelijkertijd zou ik de liberalen de sanering van deze energiedoelen en -instrumenten niet durven toevertrouwen. Ook al ga ik inhoudelijk een eind mee, de kans dat bij een liberaal-sceptische sanering van de doelstellingen de klimaatzorgen en -doelen als eerste sneven is dan gewoon te groot.

Door het klimaatthema tot marginaal relevant issue te bestempelen ondermijnt de liberale denktank de mogelijkheid support te krijgen voor de onderdelen van zijn visie die wél hout snijden. Onnodig. En jammer. Het liberale gedachtegoed had een beter lot verdiend.

Jan Paul van Soest is partner bij De Gemeynt, samenwerkingsverband van adviseurs, denkers en entrepreneurs, zie www.gemeynt.nl

Jan Paul van Soest

Jan Paul van Soest is partner bij De Gemeynt, samenwerkingsverband van adviseurs, denkers en entrepreneurs, zie www.gemeynt.nl