Zoeken

South Stream wordt inzet van een hevige strijd

Auteur

Rob de Wijk

Rob de Wijk: "Energiepolitiek wordt steeds minder handel en meer geopolitiek"

In een vorige column stelde ik dat energiepolitiek voor ons Europeanen steeds minder handelspolitiek wordt, maar steeds meer geopolitiek. Die constatering deed ik naar aanleiding van de aansluiting van de Krim bij Rusland. Mijn constatering is door het neerhalen van de MH17 helaas alleen maar actueler geworden. Dat de energiepolitiek ten opzichte van Rusland niet meer op dezelfde leest kan worden geschoeid als voorheen is nu onontkoombaar.

Want alleen in de context van de annexatie van de Krim en de aanhoudende steun van rebellen in het oosten van Oekraïne kon een fatale gebeurtenis als het neerhalen van een verkeersvliegtuig plaatsvinden. Enerzijds vindt president Poetin dat hij alle recht heeft op die steun aan de rebellen. De prowesterse machtsomwenteling en het gedwongen vertrek van de pro-Russische president Viktor Janoekovytsj had inderdaad een dubieuze politieke en juridische basis; vanaf het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw geldt als een van de uitgangspunten van het Russische buitenlandbeleid dat Russen buiten het moederland op steun het Kremlin kunnen rekenen; en de steun voor antiwesters beleid is onder de steeds nationalistischer wordende bevolking groot. Bovendien redeneert Poetin dat de uitbreiding van de NAVO en de Europese Unie en unilaterale westerse interventies zoals die in Kosovo, een schoffering van Rusland zijn, omdat van haar zwakte misbruik is gemaakt.

Kortom, nu Rusland zich sterk waant, Europa door interne politieke verdeeldheid en de economische crisis is verzwakt en Amerika neigt naar een beleid van terugtrekking uit conflictgebieden en neo-isolationisme, is in de ogen van het Kremlin het afrekenmoment gekomen.

Als Europa Ruslands gedrag onacceptabel vindt, dan kan een typische machtspoliticus als Poetin alleen met machtsmiddelen tot ander gedrag worden gedwongen. Daarvoor bestaan slechts twee instrumenten: economische en militaire macht. Wat dat laatste betreft heeft Europa zo op zijn defensies gekort dat die niet langer geloofwaardig zijn. Bovendien wil niemand oorlog.

““Een gedeeltelijke afnemersstaking kan Rusland onder druk zetten””

Rest het economische instrument. Rusland heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een typische "rentier state"; een land met een tamelijk eenzijdig ontwikkelde economie die drijft op de export van olie en gas. De prijzen die in Europa voor gas worden bedongen, lijken hoger dan die voor andere omringende landen. Gasexporten naar Europa lijken daarmee een belangrijke bijdrage te leveren aan de federale begroting. Exportinkomsten worden onder meer aangewend voor het afkopen van sociale onrusten met subsidies op bijvoorbeeld brandstof en natuurlijk voor de opbouw van de krijgsmacht.

Als Ruslands stabiliteit en macht in belangrijke mate afhankelijk is van de energie-export, dan kan een gedeeltelijke afnemersstaking Rusland onder druk zetten. Precies om deze reden zijn het Europese parlement en de Europese Commissie faliekant tegen de deals rond South Stream met landen als Bulgarije, Hongarije en Oostenrijk. Omdat South Stream gas langs Oekraïne naar Europa brengt en feitelijk door separate deals met de genoemde landen de lidstaten van de Europese Unie uit elkaar speelt, is South-Stream feitelijk een geopolitiek project geworden. Daarvan getuigt ook het feit dat de pijpleiding werd omgelegd om de Oekraïense Exclusieve Economische Zone te omzeilen.

Het kan niet anders dan dat South Stream de komende tijd inzet van een hevige strijd wordt. Uitstel of beëindiging van het project is een belangrijk signaal in de richting van Poetin, zeker als in het kader van een toekomstige Europese Energie Unie ook nog eens wordt bezien hoe op termijn de afhankelijkheid Russisch gas kan worden verkleind.

Degene die denkt dat de problemen met Rusland overwaaien en dat op energiegebied alles wel weer normaal wordt, kan wel eens bedrogen uitkomen. In de Baltische staten, de voormalige onderdelen van de Sovjetunie die nu NAVO-lid zijn, wordt met grote argwaan naar het Russische avonturisme gekeken. Zij vrezen het volgende slachtoffer te zijn. Door het avonturisme in Oekraïne lijkt het westen inderdaad één stap verwijderd te zijn van een echte confrontatie met Rusland. Als dat door het afblazen van South Stream kan worden voorkomen en als daarmee de Europese eenheid kan worden hersteld, is dit een kleine prijs die voor het voorkomen van iets ergers moet worden betaald.

Rob de Wijk is directeur van het The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) en professor Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Leiden. In zijn column gaat hij in op de energievoorziening in het licht van de internationale verhoudingen.

Rob de Wijk

Rob de Wijk is directeur van het The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) en professor Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Leiden. In zijn column gaat hij in op de energievoorziening in het licht van de internationale verhoudingen.